Steeds meer organisaties zien in dat ze iets met social media moeten doen. Nou ja, moeten, ze wíllen er iets mee gaan doen. Dat klinkt stoer, bij de tijd en zeker modern. Lekker meedoen met de hype. Maar hoe ga je dat aanpakken? Hoe ga je zorgen dat jouw organisatie mee kan liften op de ongekende mogelijkheden van deze nieuwe ontwikkelingen? Hieronder het beslissingsproces dat bij veel organisaties momenteel speelt, de gevolgen die een foute beslissing kan hebben en hoe je het wél zou kunnen doen.

Intern?
Intern is er geen kennis van social media aanwezig, behalve bij een aantal enthousiaste medewerkers die niet op de juiste afdeling zitten. Investeren in nieuwe dure krachten of opleiding van de huidige medewerkers is ook geen optie, want we zitten nog in een crisis, remember?

Extern?
Externe bureaus inhuren is ook geen optie, want ze hebben allemaal een ander verhaal of ze kunnen niet direct aangeven wat de ROI zal worden. En ja, kosten voor de baten uit laten gaan is goed, als je precies weet wat de baten zijn. En dat weet niemand….

De oplossing!
Steeds meer organisaties kiezen ervoor om een stagiair te nemen. Waarom? Goedkoop en zit in generatie Y dus die weten alles van social media. Precies wat je zoekt voor jouw organisatie. Natuurlijk weet de stagiair communicatie wat social media is, natuurlijk weet de bijna afstuderende specialist veel van communicatie. Dus dat moet wel goed komen.

De uitdaging.
De stagiair krijgt een mooie afstudeeropdracht. Hij mag voor jullie organisatie een social media strategie ontwikkelen en deze natuurlijk ook uitvoeren. Je laat de stagiair volledig vrij, want tenslotte is de stagiair de specialist en jij niet. Vol enthousiasme gaat de stagiair aan de slag met mooie theoretische plannen over platforms, technieken en hoe je de dialoog aangaat met de doelgroep. De eerste twee maanden is de stagiair wel zoet.

De voortgang
Na twee maanden heeft de stagiair een basisplan voor de social media strategie klaar. Je gaat met de stagiair aan tafel zitten en neemt de plannen door. Je snapt er werkelijk niets van, dus het zal wel goed zijn. Je kunt nu tenminste vol trots aan je omgeving vertellen dat jouw organisatie ook met Hyves, Twitter, Facebook en webcare aan de slag gaat. Je geeft akkoord voor de uitvoering van de plannen en droomt al van de eerste successen op het vlak van social media.

De uitvoering.
De Twitter account voor je bedrijf wordt aangemaakt. De stagiair gaat vrolijk namens de organisatie berichtjes uitsturen en reageren op klachten. De stagiair heeft zelf de Facebook pagina van jullie bedrijf aangemaakt. Hij had, samen met zijn begeleider van zijn opleiding, wel geadviseerd dit door een specialistisch bureau te laten doen, maar je wilt toch eerst zien of het iets oplevert. Kosten kunnen altijd later gemaakt worden, toch? Af en toe loop je langs bij de stagiair die de hele dag achter Tweetdeck zit en op Facebook bezig is om vriendjes voor jullie bedrijf te maken. Het ziet er veelbelovend uit en tevreden verlaat je weer het kantoor van de stagiair.

De overdracht
De stagiair krijgt de opdracht om alle activiteiten en accounts over te dragen aan de marketingmanager. Tenslotte wil je dat je bedrijf door gaat met social media. De marketingmanager moet dit toch eenvoudig kunnen overnemen. De stagiair gaat weer terug de collegebanken in.

Stage afgelopen.
Na een totaal van zes maanden is de stagiair klaar. Hij heeft de laatste maand van zijn stage veel tijd besteed aan zijn afstudeerverslag en is tussendoor wel eens vergeten te reageren op klachten over jouw bedrijf op Twitter. Ook is hij vergeten een aantal vragen te beantwoorden op Facebook en LinkedIn. Maar dat maakt de stagiair niet zoveel uit, dat kan toch geen kwaad? Als het afstudeerverslag maar goed is.

Desillusie.
De stagiair is afgestudeerd. Met een hoog cijfer. Aangezien je nog steeds op de kosten wilt besparen, biedt je de stagiair nog geen baan aan. De stagiair heeft ondertussen ook al een leuke aanbieding gehad van een PR-bureau dat hem graag als specialist wil inzetten voor zijn klanten. Je gaat praten met de marketingmanager om te vragen hoe het gaat. De marketingmanager vertelt dat hij het veel te druk heeft met alle andere werkzaamheden en geen tijd heeft voor social media. Oftewel, alles ligt stil.

Imagoschade
Vragen op Twitter worden niet meer beantwoord. Daar wordt over geklaagd op Twitter, maar dat ziet niemand in de organisatie, want niemand let daar op. De Facebook-pagina van jullie organisatie staat vol met ongepaste foto’s en reclames van concurrenten, maar dat ziet niemand in de organisatie, want niemand let daar op. Je imago op social media is, zonder dat je er erg in hebt gehad, volledig naar de knoppen. Je imago in de markt wordt op deze manier slechter dan dat het imago zes maanden geleden was. Is dit de schuld van de stagiair? Nee dit is jouw eigen schuld.

Wat had je dan wel moeten doen?
Je had eerst intern moeten inventariseren wie er, eventueel privé, veel ervaring met social media heeft. Je had kunnen vragen of die medewerkers eventueel intern een presentatie zouden kunnen geven over de mogelijkheden. Je had hiervoor een externe specialist of spreker kunnen huren die al je medewerkers, of een groot deel ervan, zou kunnen overtuigen van de mogelijkheden.

Je had binnen je eigen team van mensen een aantal moeten laten opleiden door externe experts met een bewezen ervaring en referenties. Op die manier was het in de organisatie van binnenuit gaan leven. Je had dan wel moeten investeren, maar deze investering had je niet alleen in social media gedaan, maar ook in het eigen personeel.

Je verhoogt daarmee de intrinsieke waarde van de organisatie. Je eigen personeel was meer betrokken geweest. Meer dan welke stagiair dan ook. Je eigen personeel was gaan ontdekken welke mogelijkheden voor jouw organisatie geschikt zouden zijn. Je eigen personeel zou voor jouw succes hebben gezorgd. Succes dat je nu hebt laten liggen en de concurrent misschien wel niet…

Eerder gepubliceerd op 17 januari op Marketingfacts. Daar kun je ook de reacties kwijt.