Zojuist in de trein van Eindhoven naar Utrecht maakte ik iets bijzonders mee (althans, dat vind ik)

De man in de stoel achter mij was in gesprek met iemand. Het gesprek was in het Koreaans, dus niet te volgen. Aan de andere kant van de lijn was een vrouwenstem. Ik vermoedde dat hij sprak via handsfree.

Wat opviel waren de grote stiltes in het gesprek. Gewoon zwijgen. En dan zei de een weer wat en was het weer stil.

Ik had geen idee waar het over ging, maar ik vermoedde dat het zijn lief n Korea was en dat ze elkaar enorm missen.

Totdat ik uit moest stappen om over te stappen. Ik liep langs de man en zag in een glimp dat hij met zijn tablet via beeldchat (weet niet zeker of het skype was) in gesprek was met een oudere vrouw. Zij lag in een ziekenhuisbed met allerlei zuurstofslangetjes in haar neus.

Nu denk ik dat het zijn zieke moeder is, die haar zoon enorm mist maar die aan de andere kant van de wereld verblijft, waarschijnlijk voor werk. Uiteraard zal dat missen wederzijds zijn en zou de zoon niets liever doen dan bij zijn moeder aan haar bed staan. Maar dankzij technologie kan de zieke vrouw toch haar zoon zien. Ze zijn samen, verbonden via het web. Ze kijken naar elkaar en hoeven niet te praten. Aanwezigheid is voldoende. Niet fysiek, maar ook zeker niet virtueel. Hij kan haar hand niet vasthouden, maar wel aankijken.

Er zijn voor elkaar, daar gaat het om. En dankzij technologie worden mensen, ook op momenten dat het nodig is, dichter bij elkaar gebracht. Mooi!