wakker worden!

Onlangs berichtte ik nog, met onderbouwing, dat het persbericht nog niet dood is en niet eens stervende. Goed nieuws voor alle traditionele PR mensen die hiermee hun goedbetaalde activiteiten veilig kunnen stellen. Maar, uit het door mij samen met Marketingfacts, ANP Pers Support en Lewis PR uitgevoerde onderzoek onder 215 journalisten en bloggers kwam nog veel meer naar voren. Journalisten en bloggers zijn niet alleen afhankelijk van persberichten maar gebruiken nog veel meer bronnen.

RSS

63 procent van de ondervraagden gebruikt RSS feeds om aan nieuws te komen. Opvallend is dan dat veel (ook gerenommeerde) organisaties geen RSS mogelijkheid hebben bij een digitale persberichten overzicht. ING bijvoorbeeld experimenteerde vorige week met een Social Media Release om aan te geven dat ze hip zijn, maar een eenvoudige RSS-feed kan er niet af. Dat ING zijn webcare op orde heeft blijkt overigens wel uit een eerste reactie op een blog van Coopr over het Social Media Release.

Google is meest belangrijke informatiebron

Uit ons onderzoek kwam iets heel bijzonders naar voren. 85 procent van de respondenten gaf aan Google te gebruiken voor nieuwsvergaring. En maar liefst
99 procent van de journalisten en bloggers gebruikt Google om achtergrond informatie te vinden voor een artikel!

Dus stel je voor: Jij stuurt een persbericht uit voor een nieuwe router. Deze router voldoet aan de laatste standaarden, maar is kleiner en energiezuiniger. Een journalist krijgt dit bericht onder ogen, besluit dat hij er iets mee wil doen en gaat Googelen. Het eerste dat hij tegenkomt zijn jouw grootste concurrenten die ook al routers binnen hetzelfde segment volgens dezelfde standaarden aanbieden. En wat blijkt, zij hebben ook al energiezuinige maatregelen getroffen. Daar gaat je nieuws of in het ergste geval, de concurrenten worden als goed alternatief opgenomen in de publicatie.

Andere aanpak en werkwijze zijn nodig!

De concurrent lacht, want hij heeft zijn SEO goed op orde en jij bent de aanjager voor een publicatie waarin zij ook naar voren komen. Volgens mij niet iets waar je baas of klant blij van wordt. Dit voorbeeld geeft eigenlijk aan dat de traditionele manier van persberichtendistributie niet meer zaligmakend is. Het vraagt om een nog betere pro-actieve aanpak door PR-mensen.
Voordat je een persbericht gaat versturen, of beter nog voordat je het bericht gaat (laten) schrijven, zoek eens op Google naar de termen die in je bericht voorkomen. Bekijk die resultaten eens door de bril van een journalist. Als blijkt dat jouw insteek en informatie niet uniek is, pas het bericht dan aan of verstuur het helemaal niet.

Maar dan Twitter.

Toen ik tijdens de presentatie van de resultaten van het onderzoek op de klantendag van ANP Pers Support vroeg aan de aanwezigen PR-professionals wie er gebruik maakte van Twitter, bleken dat maar zes van de ruim zeventig aanwezigen te zijn. Daar schrok ik niet alleen van, ik was eigenlijk verbijsterd.
In Nederland maakt, naar schattingen, 8% van de internetters gebruik van Twitter. In PR land zitten ze dus op het gemiddelde, maar bij de ondervraagden journalisten en bloggers bleek dat maar liefst 54 procent te zijn. Hier gaat dus iets mis. Want van die 54% gaf slechts 6% aan Twitter alleen voor privé doeleinden te gebruiken. De rest gebruikt het dus zakelijk of zakelijk en privé door elkaar. 89 procent gaf aan Twitter te gebruiken om aan nieuws te komen en 83 procent gebruikt Twitter om hun publicaties te promoten.
Hoe makkelijk kan het dan zijn om als PR-professional te volgen wat er leeft bij journalisten?

Mijn conclusies:

  • Twitter is verplicht voor een ieder die iets met PR doet. Probeer te volgen wat er leeft bij de journalisten, waar ze over Twitteren en probeer daar constructief iets aan bij te dragen.
  • Zorg dat alle persberichten via RSS op te vragen zijn. Journalisten en bloggers maken hier graag gebruik van.
  • Verdiep je in de vele mogelijkheden van Google, werk aan je SEO posities en doe een goede check voor je een persbericht de wereld in stuurt.

Opmerkingen en kritiek? Graag!

Eerder gepubliceerd op Marketingfacts.nl